Remweg

Impulsieve, drukke kinderen met aandachtsproblemen kunnen ouders voor tal van problemen stellen. De vaak hardnekkige problematiek vraagt thuis en op school om een gerichte aanpak. Het programma Remweg biedt hierbij een helpende hand.

Een van de eerste doelen is dat kinderen van hun opvoeder(s) leren eerst te stoppen met een activiteit, daarna goed te kijken en te luisteren. Wanneer deze vaardigheden in voldoende mate zijn ontwikkeld, leren de kinderen zichzelf de volgende vier vragen te stellen:
1. Wat moet ik doen? (probleemoriŽntatie en probleemdefinitie)
2. Hoe kan ik het doen? (bedenken van een oplossingsstrategie)
3. Gebruik ik mijn plan? (uitvoeren van een oplossingsstrategie)
4. Hoe heb ik het gedaan? (evaluatie van het denken en handelen)

Het plannen maken, uitvoeren en evalueren heeft betrekking op leertaken zoals rekenen of spelling, praktische taken zoals tafel dekken of de kamer opruimen, en sociale taken zoals het omgaan met leeftijdsgenoten en volwassenen.

Remweg wordt aangeboden in de vorm van een groepstherapie voor ouders. In acht bijeenkomsten leren zij hoe kinderen, met een cognitief ontwikkelingsniveau van 6 tot en met 12 jaar, het stop-denk-doe-gedrag kunnen worden bijbrengen. Vervolgens, en dit is noodzakelijk, oefenen ouders de geleerde vaardigheden systematisch met hun kind in de thuissituatie.

Remweg is een cognitief gedragstherapeutisch programma dat kenmerken heeft van het programma Think Aloud van Camp en Bash (1981), en de oudertrainingsprogramma's van Barkley (1987, 1990), Braswell en Bloomquist (1991) en Shure en Spivack (1978). Behandelen via Remweg is een vorm van mediatietherapie. Dit betekent dat de behandeling van het kind wordt uitgevoerd door de ouders, die op hun beurt gecoacht worden door de deskundige die de therapie verzorgt.

In sessie 1 en 2 staat het stoppen, goed kijken en luisteren centraal.
Het nauwkeurig leren kijken en luisteren wordt geoefend door imitatie (nadoen) en het opvolgen van eenvoudige instructies.
In sessie 3 komt het hardop denken aan de orde. Het kind leert zijn denken en handelen te verwoorden bij het uitvoeren van eenvoudige handelingen. In eerste instantie moet het kind hardop denken, daarna kan het overgaan op fluisteren, en uiteindelijk moet het zijn denken en doen reguleren met innerlijke spraak. Als instructiemethode wordt hierbij het cognitief modelleren gebruikt: de opvoeder voert een handeling uit terwijl hij daarbij hardop denkt. Het kind doet dit precies zo na.
Tijdens sessie 4 ligt de nadruk op het herkennen van een probleem en het maken van een plan om het probleem op te lossen.
In sessie 5 komt het uitvoeren en evalueren van het bedachte plan aan de orde.
In bijeenkomst 6 en 7 leert het kind hoe het met sociale (conflict) situaties om kan gaan.
Tijdens de laatste sessie vindt evaluatie van de training plaats.

Elke bijeenkomst duurt anderhalf tot twee uur.

Het is een voorwaarde dat beide ouders / verzorgers van een kind (zeer) gemotiveerd zijn om met Remweg te werken. Het is van belang elkaar onderling te steunen en het kind te blijven motiveren om aan zijn gedrag te werken.
Het programma heeft het meeste effect wanneer het kind in staat is om al enigszins zijn impulsen te controleren. Dit kan door medicatie of het gevolg zijn van een andere behandeling. Is dit niet het geval, dan kan de uitvoering van het programma stuiten op verzet of te weinig bemoedigende resultaten.
Voorafgaand aan de therapie vindt eventueel een intakegesprek ťn kennismaking met het kind plaats, wanneer de therapeut hem of haar nog niet kent.